Visie

Laatst gewijzigd: 10/08/2021

De zin van het leven is ook het leven zelf (ieder plantje, diertje, organisme is op léven gericht)

1. Algemeen: wie ben ik, wat doen wij hier? Wat is de zin van mijn leven? (3. Meer specifiek: zie ook visie op jongens/mannen)

Essentie:  to live, to learn, to connect, to love and to leave a legacy

Iedere jongere (en volwassene) stelt zich zelf die vragen. Het zijn ingewikkelde, maar geen domme vragen, zeker niet in een tijd van crises waarin sommigen depressief of sarcastisch en anderen cynisch worden.

  1. Overleven: onszelf, de menselijke soort en wereld in stand te houden (eten, drinken, dak boven je hoofd, huishouden, milieu). Voor velen ook: je voortplanten, je (klein-)kinderen doen leven in een leefbare wereld).
  2. Ons zelf ontwikkelen door te leren (van anderen maar ook van onszelf: we maken fouten, laten we daar alsjeblieft van leren anders waren ze er voor niets, zo werkt immers de evolutie)
  3. Ons met anderen verbinden: wij zijn in essentie sociale wezens, komen verder door samen te werken, ons te organiseren. Ieder is een stukje van de puzzel. Wij hebben elkaar nodig en hebben elkaar veel te bieden.
  4. Lief te hebben: jezelf (!), je partner, je vrienden, je kinderen, mensen om je heen, de wereld met al zijn/haar tekortkomingen.
  5. Iets doen wat zin heeft, bij te dragen (eten, drinken, zinnige producten of diensten, mooie dingen maken, inzichten, steun aan anderen, nieuwe generaties op de wereld zetten)
  6. Door alles heen vooral ook genieten.

Hoe je dat deed en doet, dat is je identiteit (in je eigen ogen, maar ook in die van anderen). Alle vijf punten hangen met elkaar samen, overlappen en botsen op elkaar, lopen door elkaar heen; dan weer ligt het accent hier, dan weer daar. Ieder zoekt daarin zijn of haar eigen weg. Autonomie (eigen overleving, weerbaarheid, controle en plezier) en solidariteit, samenwerken en je verbinden met anderen (je bij elkaar geliefd, gewaardeerd, geborgen en veilig voelen, zorg voor collectieve voorzieningen en gezamenlijke doelen) staan nogal eens op gespannen voet met elkaar. Het gaat natuurlijk om een balans tussen beiden.

2. Politiek na de verkiezingen en het gedoe rond de formatie.

Ubuntu! “Ik ben omdat wij zijn” Deze kernzin uit Zuid-Afrikaanse filosofie spreekt mij zeer aan. We zullen weer op zoek moeten naar een ‘samen’. Hopelijk komt er na de publicatie van het rapport over de toeslagenaffaire en het gestuntel van het huidige kabinet nu echt een kanteling naar een ánder bestuur, meer transparant, minder neoliberaal, met meer hart voor álle mensen en de natuur.
Sommige politici (Wilders, Baudet, e.d.) spelen in op wrok en teleurstelling (die deels reële wortels heeft, in beleid, machtige pressiegroepen, maar ook in henzelf),  op de behoefte van mensen aan zekerheden binnen de eigen groep, dromen en droomfiguren, maar dan voor hun eigen machtspolitiek, soms met een nationalistisch en benauwend zwart of bruin randje zonder respect voor andersdenkenden, zonder oog voor de toekomst en zonder werkelijk rekening te houden met mensen met minder competenties en/of een laag inkomen.Op 25 oktober 2020 deed ik een oproep tot samenwerking aan progressieve partijen na raadpleging van een wijde kring mensen. Die sprak veel mensen aan, maar heeft (nog) niet geholpen. De inhoud staat op veel punten nog recht overeind. Zeker na het verlies van Trump, de voorlopige afgang van Baudet c.s., de mogelijk veelbelovende start van Biden en de vaccinatie tegen Covid19 kunnen we weer enigszins opgelucht ademhalen en energie besteden aan klimaatregelen, alternatieven voor het bestaande beleid en voor de regressie naar benauwend nationalisme & racisme en de verleiding van populisten.

Leidende politici en instellingen geven ruim baan aan lobbygroepen uit het bedrijfsleven, kijken  toe hoe vormen van ‘populisme’ om zich heen grijpen, hoe wantrouwen t.o.v. politici, journalisten en intellectu-elen stijgt, houden vast aan neo-liberaal beleid en marktwerking, maar gaan nog te weinig in op reële zorgen van mensen die het in deze wereld niet of maar nauwelijks redden, willen na crises spoedig terug naar de oude situatie, blijven de belangen van de ‘haves’ beschermen en komen niet met sterk en inspi-rerend nieuw beleid.

Natuurlijk wordt het na de coronacrisis anders, terug naar voorheen bestaat niet al probeert men het wel. Men doet er beter aan te focussen op onze reële zorgen, het behoud van onze wereld (milieu), op waar onze perspectieven liggen en welke ruimte wij aan anderen bieden, en dan niet alleen in woorden maar ook in daden, i.p.v. mee te gaan in, en te focussen op angst voor verlies van welvaart, angst voor immigra-tie, voor ‘de anderen’, ‘de economie’, enz. Er is een overmaat aan negatieve berichten in de media, weer deels reëel, maar eenzijdig,  polariserend en opgeklopt omdat slecht nieuws beter verkoopt. Juist nu zijn idealen belangrijk: sommige nabij, sommige veraf, maar altijd richtlijn in mijn alledaagse handelen en werk. Ik blijf nieuwsgierig naar nieuwe ontwikkelingen en probeer koers te houden.
Nu de ‘vrije markt’ haar ‘invisible hand’ heeft overspeeld, het klimaat een kantelpunt nadert en ongelijk-heid wereldwijd toeneemt is er na de Verlichting een nieuw verhaal nodig waarin kernwaarden centraal staan en waar de meeste mensen, christelijk, moslim, joods, humanist of anders, zich voldoende in herkennen.  Ingrediënten voor mij zijn:

a             Een ander financieel systeem waarin je geen geld met geld kunt verdienen dan werken immers anderen voor jou. (Er is geen magische geldpot, we lenen hooguit van de toekomst, en wie gaat dat ooit betalen?), maar alleen door de vruchten van je reële werk, het werken aan datgene wat echt waarde heeft.
Het bezit van eigen grond moet grondig worden herzien. Grote aanpassingen van het land i.v.m. beteuge-ling van de gevolgen van klimaatverandering, en de behoefte aan ruimte voor nieuwe woningen zijn nu speelbal van grondbezitters en speculanten die rijk worden van verandering van  bestemmingen zonder daarvoor iets gedáán te hebben.

b.            Gemeenschappelijke Bijdragen (bij wet) nemen de plaats in van Belastingen. Het woord ‘belasting’ alleen al roept immers ontwijking op; wie wil er nou graag belast worden? Velen willen wel graag zinnig (bij-)dragen. Wie niet bijdraagt plaatst zich buiten de gemeenschap. Wie niet kán bijdragen krijgt steun en waar mogelijk hulp bij versterking van zijn/haar positie en veerkracht.

Ik draag graag bij aan een andere economie, maar wil niet via mijn belastingen of aantasting van mijn pensioen helpen bedrijven overeind te houden die niet duurzaam of oneerlijk produceren (KLM, Tata-Steel, Shell, Aluminium Delfzijl,  e.d.) .
De ‘markt’ vraagt in ieder geval om begrenzing en matiging. Als de opeenhoping van geld bij weinigen íets duidelijk maakt is het wel dat de markt als ‘onzichtbare hand’ zijn hand heeft overspeeld, het geld naar een kleine groep stuwt en uiteindelijk steeds de belangen van de rijken dient. Voortdurende aselecte groei en financiering door schulden is een te zware belasting van de natuur.  Geld is een (ruil-)middel, voor een gezond en zinvol leven, eerlijke handel, sparen voor later, overdracht aan anderen, maar wordt schadelijk als het slechts doel is. Hebzucht als centrale drijfveer leidt tot korte termijn denken en drijft de negatieve gevolgen van ons handelen buiten ons zicht (milieu, klimaat, uitbuiting, dierenleed) terwijl doorgeschoten individualisering onderlinge samenwerking fnuikt. In mijn visie maakt voortdurende groei van consumptie en hebzucht (uit angst te weinig te krijgen en om materiële controle uit te kunnen oefenen) plaats voor zinnige en betekenisvolle bestedingen en bezigheden. De overheid (door allen gecontroleerd) is de enige die geld (als ruilmiddel of spaarmiddel) kan creëren. Investeren met geleend geld (een collectief belang) kan hooguit als de risico’s kunnen worden verzekerd (in plaats van leiden tot extra rente). Een fiscaal systeem dat schulden begunstigt moet worden afgebouwd.

c.            Een basisinkomen voor iedereen met matiging van verschillen in de inkomens  daarboven. Werk dat niemand wil maar toch moet gebeuren, moet beter worden beloond dan schuiven met papieren, derivaten of virtueel geld. Misschien moeten we bij minder aantrekkelijk maar noodzakelijk werk denken aan maat-schappelijke dienstplicht, maar dan voor iedereen. Het is werkelijk van de gekke dat er alleen al in Neder-land 200.000 mensen (veel) meer dan 1 miljoen bezitten (hoe komen ze daar aan?), terwijl in de buitenrin-gen van de grote steden en elders grote delen van de bevolking moeite hebben om de eindjes aan elkaar te knopen.

De generatie van ‘millenials’ is misleid en sommigen hebben ook zelf misgegokt door alles te gooien op zelf-optimalisatie, eigen weerbaarheid, flexibel vrij en blij te leven en elkaar vooral op feestjes op te zoeken – prima – maar zij realiseren geen collectieve belangenbehartiging via vakbond of anderszins.

Hebben de rijken inkomen naar verdienste? Ik dacht het niet… Wat dragen zij bij i.p.v. wat romen zij af en halen zij naar zich toe? Opvoeding, zorg en onderwijs (de volgende generatie!) zijn even belangrijk als bouwen, vervoeren, iets maken, uitvinden, administreren of leiding geven.

d.            Productie wordt georiënteerd op duurzame zinnige producten waar vraag naar is i.p.v. waar vraag naar wordt gecreëerd. Waar mogelijk circulaire economie en repareerbare spullen met vervangbare onderdelen. In die zin was de blokkade van het Suezkanaal eind maart ’21 door een schip barstensvol consumptiegoederen een aardige metafoor.

e.            Uitwisseling van informatie, ervaringen en eventueel daaruit volgende globalisering van gedeelde waarden komt i.p.v. datamonopolies, manipulatie via internet, dataïsering, algoritmes gericht op controle en globalisering van handel, winst & oncontroleerbare geldstromen.

f.            Perspectief op zinvolle bevrediging in de reële wereld i.p.v. verslaving aan de virtuele wereld (games, gokken, etc.). Ieders ervaringen hoeven allemaal niet meteen gewéldig of fantástisch te zijn, dat zijn ze immers niet, het woord wordt sleets. Meer nadruk op trial-and-error, fouten maken en dáárvan leren (anders zijn die fouten voor niets geweest en dát is pas zonde). Een pilsje na een dag hard en zinnig werk smaakt een stuk beter dan na een dag balen. Verslaving (aan wat dan ook) vreet tijd, geld en energie die beter aan iets zinvols en plezierigs kan worden besteed.

f.             Consumptie naar reële behoefte, i.p.v. opgejaagd door steeds maar weer nieuw, nieuw, nieuw. Als ‘de markt’ érgens een hekel aan heeft is het wel aan tevreden mensen (die kopen immers veel minder). Hoe eerder schoon vliegen mogelijk is hoe liever, maar onbeperkt vliegen kán gewoon niet meer.

g.            Onderdak voor politieke vluchtelingen die niet terug kunnen naar hun land van herkomst. Geen verblijf voor migranten die de fysieke en culturele opvangcapaciteit van een land te boven gaan. (Dat ligt niet vast, maar moet wel worden meegenomen). Ik zie liever een gerichte stimulans van de voorwaarden in de landen waar migranten vandaan komen (economische, politieke en andere voorwaarden zonder een belerende aanpak). Lastig, maar het is niet anders.

h.         Elkaar groeten Heel simpel, maar basic. Respect, ongeacht ras, sekse, religie, cultuur, afkomst, intelligentie. Rekening houden met elkaar; dat houdt soms ook in grenzen stellen. Nieuwsgierigheid, contact en samenwerking nemen veel wantrouwen weg. Conflicten zijn er, maar hoeven niet perse te escaleren, mis benoemd en besproken kunnen zij juist tot betere oplossingen leiden.

i.        Meer samenwerking i.p.v. individualisering. Overal en steeds maar ‘het beste uit je zelf halen’ verhult een grenzeloze competitie op de arbeidsmarkt, aangestuurd door reclame en allerlei human resource goeroes . Zzp’ers worden steeds meer op zichzelf teruggeworpen  en bij tegenslag voor het bedrijf of instelling ontslagen. Kwalificatie voor de arbeidsmarkt wordt steeds meer als individueel belang geponeerd waar het bedrijfsleven van profiteert. We zijn allemaal stukjes van een grote puzzel,  onze kwaliteiten en tekorten passen in elkaar, samen zijn we meer als we ons met elkaar weten te verbinden. Gelukkig neemt ‘de Goede Zaak’ initiatieven om samen met het FNV vast aangestelden en zzp’ers of allerlei flexibele krachten meer bij een te brengen. Iedere zzp’er zou zich moeten kunnen aansluiten; jongeren laten zich veel te veel tegen elkaar en ouderen uitspelen. De ‘selfie-cultuur’ (steeds een perfect ‘zelf’ tonen) vervreemdt jongeren van zichzelf en isoleert hen van elkaar. Niemand is ideaal, niemand kan alles, we zijn allen puzzelstukjes die in elkaar kunnen grijpen. Je kunt elkaar beter aanvullen en van elkaar leren als ieder zijn kwaliteiten en tekorten kent.

Crises

(corona, milieu, financieel systeem, democratie, woningbouw, huurprijzen, volksverhuizingen, werkgelegenheid, datamonopolies)

Crises volgen elkaar in hoger tempo op en zijn de aankondigingen van broodnodige veranderingen. Het oude is bekend maar werkt niet meer, het nieuwe is er nog niet, moet dus worden gecreëerd. Dit kan destructief of constructief verlopen.  Wrok volgt vaak na dromen die in diggelen zijn gegaan. Cynisme staat vaak voor teleurgesteld zijn in heftige idealen in de adolescentie en vroege volwassenheid. Die idealen zijn daarna losgelaten. Beter is ze te concretiseren, al is het maar deels en voorzien van proporties in tijd en ruimte. Alle culturen hebben zich altijd met bovenstaande vragen bezig gehouden. Een veelheid aan ideeën, praktijken en informatie vormen het reservoir waarbij geput kan worden om alternatieve richtingen in te slaan.

Wij hebben het over menselijke verhoudingen, arbeidsplaatsen, relaties, technische mogelijkheden, producten en modes, hier in het sterk geïndividualiseerde westen, maar ook elders. Vooral jongeren zijn hierin op zoek naar eigen identiteit, zoeken verbinding met elkaar en met de wereld en naar nieuwe antwoorden (reëel en ook virtueel in de social media). Voor iedere jongere pakt dit antwoord weer anders uit, ieder maakt z’n eigen antwoord en bouwt daaruit zijn identiteit op, maar samen kom je verder.

‘De ideale man bestaat niet, maar hoed u voor mannen zonder idealen’. (Mijn bijdrage aan ‘De ideale man. Waar is hij… Wie is hij…Waar blijft hij… Anja Sijben (red.) en vele anderen. (2014 Anja Sijben ISBN 978-94-6228-545-3). Zie ook pagina literatuur. Nieuwe opvattingen over mannelijkheid, waargemaakt in alledaags handelen, zijn broodnodig.

Reageren