Dat maak ik zelf wel uit!?' Werken met
jongens: pedagogiek met gevoel voor
sekseverschillen
In 1995 verscheen de 1e druk van dit boek
bij uitgeverij Coutinho, Bussum. Tot begin
2005 is dit vaak aangehaalde boek nog
regelmatig verkocht, gebruikt voor readers
e.d. Nadat in 2005 de 1e druk was
uitverkocht werd nog vaak naar het boek
gevraagd. Een 2e druk bij de
uitgever zat er niet in, tenzij ik het boek
ingrijpend zou herschrijven. Het ontbreekt
mij aan de tijd voor een compleet nieuwe
gewijzigde uitgave, ik spendeer die tijd
liever aan het voortdurend bijwerken van
deze site, kennis en inzichten ontwikkelen
zich snel. De uitgever heeft
de rechten echter aan mij overgedragen en ik heb de
eerste uitgave waar dat echt nodig was aangevuld en
gecorrigeerd. De 2e uitgave is nu op A-4
formaat beschikbaar (199 pagina's) met een
compleet nieuwe lay-out die het zeer
leesbaar maakt (o.a. een ruimere bladspiegel
en wat grotere letter).
Dit boek is te bestellen door een bedrag van € 25,00 (boek incl. porto en administratiekosten) over te
maken op Postbank 1730077 van Lauk
Woltring, Landsmeer o.v.v. DMIZWU en een
duidelijk adres.
Voor meer informatie volgt hier de flaptekst en de
inhoudsopgave:
Flaptekst
Waar zijn jongens mee bezig?
Hoe geven zij betekenis aan hun leven?
Welke voorbeelden krijgen zij?
Wat zijn zij aan het leren?
Hoe doen zij dat en hoe kunnen wij hen
daarin steunen?
Met hen nadenken over morele vraagstukken,
milieu, verdeling van welvaart of van
betaald werk en zorgtaken, vraagt om
inzicht. In onszelf, in het biologische
aspect van mannelijkheid: aanleg en rijping,
in wijzigende maatschappelijke posities en
vooral ook in de manier waarop jongens
worden gesocialiseerd. Opgevoed door, en
opgegroeid tussen vrouwen, hebben veel
jongens weinig idee van wat er eigenlijk in
volwassen mannen omgaat. Het ontbreekt hen
veelal aan voorbeelden en al acterend maken
zij zich hun rol als man eigen.
Inzicht in wat jongens drijft is onmisbaar.
Niet alleen voor effectieve opvoeding,
onderwijs, hulpverlening of jongerenwerk,
maar ook voor jeugdpolitie en bijvoorbeeld
rij-instructie. Het leidt tevens tot
zelfinzicht. Mannen waren zelf ooit jongens.
Wat is er van die jongen terechtgekomen?
Kennen zij hem nog? En vrouwen wordt een
spiegel voorgehouden hoe zij soms tegen
jongens aankijken.
Inzicht leidt tot beter begrip van het
gedrag van jongens en van de moeite die het
kost om hierin veranderingen aan te brengen.
Niet om dat gedrag goed te praten, maar om
beter op jongens, hun dilemma’s en hun
vitaliteit te kunnen inspelen. Zeker als
veranderingen ingaan tegen hun eigen
socialisatie en tegen de voordelen van de
traditionele mannelijke rol, zoals jongens
die met name zien. Toch zien veel jongens
voor zichzelf een andere toekomst dan zij
door veel volwassenen krijgen voorgeleefd,
maar goede voornemens zakken vaak weg als
zij geconfronteerd worden met de druk van de
omgeving, de peergroup, met de eisen van de
arbeidsmarkt en hypotheek en met de cultuur
waarin carrières vorm krijgen.
Jongens reageren vooral actief op de opgaven
en uitdagingen die aan hen worden
voorgehouden, hebben daarin plezier,
experimenteren graag en treden naar buiten.
Soms ook met negatieve gevolgen voor
zichzelf en anderen: we zien eenzaamheid,
faalangst en afweer, maar ook risicogedrag,
overlast, criminaliteit, verslaving,
seksueel geweld of compensatie van gemiste
kansen in het najagen van statussymbolen. In
de wereld van nu worden van jongens soms
vaardigheden gevraagd die tegen hun –
ondanks alle mooie woorden toch nog vaak
traditionele - socialisatie ingaan.
Anders kijken is ook anders doen: aan de
hand van theorie en praktijkverhalen wordt
aangegeven hoe beroepskrachten in het
onderwijs en de jeugdwelzijnssector maar ook
elders jongens kunnen ondersteunen bij de
ontwikkeling van een leven dat meer in
balans is en dat meer recht doet aan henzelf
en hun omgeving.
Dit boek was ooit het resultaat van het
project `Werken met Jongens’ aan de
Hogeschool van Amsterdam (1989-1994) en werd
mede mogelijk gemaakt door de Stichting
Kinderpostzegels en het toenmalige
ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en
Cultuur.
terug naar boven
Inhoudsopgave
VOORWOORD
INLEIDING
DEEL 1 JONG ...
JONGEN ... MAN. CONCEPTUEEL KADER
1 WIE HET WEET MAG
HET ZEGGEN!
1.1
Inleiding
1.2 Jongens:
verschillen en overeenkomsten
1.3
Ontwikkelingspsychologie en socialisatie
1.4 Binnen- en
buitenwereld
1.5
Jongensmethodiek: zin of onzin?
1.6 Methodiek
en methodiekontwikkeling
2 VOORBEELDEN:
MANNEN IN DE BUITENWERELD
2.1 Inleiding
2.2 Fulltime
werk & kostwinnerschap: de traditionele
balans tussen buiten- en binnenwereld
2.2.1
De `schijf van 5'
2.2.2
Voor- en nadelen
2.3 Overeind
blijven
2.3.1
Hokjes
2.3.2
Compensaties
2.3.3
Verzorging
2.3.4
Vechten, vluchten of ‘weg organiseren’
2.4 De
traditionele balans verstoord
2.5 Uitwegen:
een nieuwe balans op de `schijf van 5'
3 JONGENS: TUSSEN
BIOLOGIE EN MAATSCHAPPIJ
3.1 Freud
voorbij? Mannelijk en vrouwelijk:
biologische verschillen en hun betekenis
3.1.1
Zichtbaar en functioneel
3.1.2
Chromosomen, hormonen, hersenstructuur en
gedrag (herzien in 2e druk)
3.1.3
Enige relativering
3.2
Maatschappelijke erfenis en veranderingen
3.2.1
Gezondheid en levensduur
3.2.2
Welvaart en techniek
3.2.3
Milieu
3.2.4
Nederland multicultureel
3.2.5
Leeftijdsopbouw
3.2.6
Arbeidsmarkt
3.2.7
Individualisering en schaalvergroting
3.2.8 Emotionalisering
3.2.9
Identiteitsvorming, sociale controle en
zelfregulering
4 KINDERJAREN:
KWETSBAAR EN TOCH AUTONOOM?
4.1 Inleiding
4.2 Invloed van
de omgeving
4.3
Identiteitsontwikkeling via voorbeelden
4.4
Ontwikkeling van relationele vermogens
4.5
Gewetensvorming
5 ADOLESCENTIE: OP
WEG NAAR VOLWASSENHEID
5.1 Inleiding
5.2 Werk,
carrière en zorgverantwoordelijkheid
5.3 Onderwijs
en arbeidsmarktperspectief
5.4 Vrije tijd:
jongens onder elkaar: kameraadschap en concurrentie
5.5 Vrije tijd:
meisjes, intimiteit en seksualiteit
5.6 Invloed en
verwerking van media en reclame
5.7 Agressie,
depressie en vlucht
5.8 Allochtone
jongens
5.9 Tot slot
6 EEN ANDERE
BALANS. INGREDIËNTEN VOOR EEN
SEKSESPECIFIEKE PEDAGOGIEK
6.1 Inleiding
6.2.
Positionering: jongenswerk tussen pedagogie
en andragogie
6.2.2
Vrijlaten, leiden of aandacht voor de
peergroup?
6.2.3 Tussen
pedagogie en andragogie
6.3 Ordening en
centrale vragen
6.4 Werken aan
een nieuw evenwicht
6.4.1 Algemene
doelstellingen: de 'schijf van 5'
6.4.2 Betaald en
onbetaald werk: kansen en perspectieven
6.4.3 Zorg en
relaties, ontspanning en horizonverruiming
6.4.4 Concrete
doelstellingen
6.5
Aandachtspunten voor werken met jongens
6.5.1 "The proof of the pudding is in the
eating"
6.5.2 Recht op
leren, recht op experimenteren
6.5.3 Grenzen,
voorbeelden en structuur
6.5.4 Gedachten,
twijfels en onzekerheid
6.5.5 Thematisch
werken aan een toekomstperspectief
DEEL 2
PRAKTIJKVERHALEN
7
JONGENSWERK IN GELDERLAND (Hennie Yenal)
8 WERKEN MET
MAROKKAANSE JONGENS (Mohammed Sayem)
9
GROEPSTRAINING JONGENS IN DE AMBULANTE
HULPVERLENING (Karel Drexhage)
10 SEKSUELE
VORMING JONGENS IN INTERNATEN (Ineke Jacobs)
11 AMBULANTE
HULPVERLENING PLEGERS VAN SEKSUEEL GEWELD
(Ruud Bullens)
12 SEKSUEEL
MISBRUIKTE JONGENS (Jos van den Broek)
DEEL 3 VOORLOPIGE
CONCLUSIES EN VERDER
13 ANDERS
WERKEN MET JONGENS (ANALYSE VAN DE
INTERVIEWS)
13.1 Inleiding
13.2 Werving,
selectie en samenstelling van groepen
13.3 Omgang van
jongens onderling
13.4 Omgang
tussen werkers en jongens
13.5
Programmering en planning: vrijlaten of
leiden?
13.6 Omgang met
regels en grenzen
13.7 Concrete
thema's
13.8 Technieken
13.9 Omgang van
jongens met meisjes
14 OP WEG NAAR
EEN JONGENSMETHODIEK
14.1 Inleiding
14.2 Strategische
blik op methodische aandachtspunten
14.3 Strategische
blik op de theorie
14.4 Wat is er
bereikt?
14.5 Hoe verder?
Nieuwe werkwijzen in jeugdhulpverlening en
jongerenwerk
14.6 Opgaven voor
beleid en wetenschap
14.6.1 Beleid
14.6.2 Wetenschap
14.7 Ten slotte
EPILOOG
BIJLAGEN
BIJLAGE 1
JONGENS EN ZORGZELFSTANDIGHEID (concrete
stappen)
BIJLAGE 2
AFTASTEN OF AANTASTEN? AANPAK EN PREVENTIE
SEKSUEEL GEWELD
BIJLAGE 3
VRAGENLIJST 'ANDERS WERKEN MET JONGENS'
LIJST VAN HULPBRONNEN
(literatuur e.a.)
terug naar boven